Archief Ploos van Amstel

Xc7 Jacob Ploos van Amstel

Waterverftekening door Cornelis Ploos van Amstel naar schilderij Jacob Buijs (Groot-Constantia, ZA)
Gedateerd: 1756(?)
Afmeting: 33,8 x 25,9 cm

Familiealbum. Rijksprentenkabinet, Amsterdam

 

EERSTELING

van MIJNE NIEUWE DRUKPERS

TOEGEWIJD aan den WEL EDELEN HEERE

JACOB  ALEXANDER DE CHALMOT,

Boekhandelaar te Leeuwarden.

 

O Ja! ’t Moet eindelijk gelukken

CHALMOT! mijn Drukpers is voltooid;

‘(‚’t Is beter wat te laat dan nooit:)

 Wat voegt nu het eerst te drukken?

[…]

Of love ik de Gebroeders PLOOS,

Voor al de Letters, mij gezonden?

O neen! die cijfren: Zoo veel ponden

Is zoo veel geld; zij zijn te loos,

Om zonder winst iets af te schepen

Van ’t schatopstaplend Amsterdam,

Daar ieder Koopman roept: Ik vlam

Om ’t goud naar mijn Kantoor te sleepen‚

Dies, zoo ’k den lof in verzen meld ‘

Van ’t Vriesch en Hollandsch Kunstgenootschap;

Wat baat het? Geld, geld is de boodschap:

Doch gij, CHALMOT, vroeg nooit naar geld;

Schoon ik uw Pers. uw Letters, Ballen,

Uw Inkt, in ’t kort, uw Drukkerij,

Bijkans acht maanden, vrank en vrij

Gebruikt heb, woudt niets met allen.

 […]

Aan U dan met het grootste regt, ‘

Wordt deez’ mijn’ Eertsling opgedragen;

[…]

Dat deze Pers eens wel uitviel,

(Geen nijd beheerscht een edle ziel,)

Schoon ze ook zoo ‘fraai als de uwe drukte.

Ontvang dan tot erkentenis,

Slechts, telkens één der Exemplaren

Van ’t Nieuws, dat mijne pers zal ‘baren,

[…]

Dat God uw Deugd met voorspoed zegene,

Tot gij, gelukkig daalt in ’t graf.

 

 

Uit Gedichten (1779/1789) door Anne Jeltema

Jacob dichtte, vertaalde en hield lezingen over zeer uiteenlopende zaken. Hij interesseerde zich eigenlijk voor ongeveer alles wat passeerde. Toch gedreven door zijn liefde voor de boekdrukkunst, ging uiteindelijk de meeste aandacht naar de lettergieterij Gebrs. Ploos van Amstel. Blijkbaar hadden Jacob en Cornelis geen hoge dunk van de wijze van boekdrukken in die tijd en namen het heft in eigen hand.

In 1763 werd hiertoe de eerste stap gezet door aankoop van de lettergieterij van Martin Weijer, niet veel later volgde die van Jan Leonard Pfeiffer. De aankopen werden betaald o.a uit nalatenschappen van familieleden van Jacob. Moeder Johanna Clementia is de commanditaire vennoot, Adrianus en Jacob zijn de beherende vennoten. Adrianus doet de administratie,

Jacob is de stuwende kracht. Jacob geboeid als hij is door het vak, gaat zich zetten aan een Volledige Beschrijving van de oefening der Boekdrukkunst en de daartoe behoorende Kunst van het Letter-gieten’. ‘Wij zoeken te handhaven en te koesteren, ja zoveel mogelijk zij te doen aanwasschen en langs hoe meer te beschaaven eene Kunst, bij onze Voorvaderen geteeld waren wij, die altoos Liefhebbers zijn geweest om nutte Boeken fraai gedrukt te zien…’. In 1767 wordt het boek aangekondigd. Honderden belangstellenden tekenen in maar tot een uitgave zal het niet komen.

De lettergieterij is eerst gelegen aan de Prinsengracht bij de Bloemgracht en wordt genoodzaakt door de groei in 1773 verhuisd naar de Keizersgracht (nu nr. 407). Hier worden de lettergietersfornuizen op zolder geplaatst. De buren zullen ongetwijfeld wat ongerust hebben toegekeken naar deze activiteit aan hun Keizersgracht.

Het huis krijgt de naam ‘De Lettergieterij’. In hetzelfde pand wordt ook de wijnkoperij van Adrianus ondergebracht. Als in 1777 moeder Johanna Clementia overlijdt zit onder andere in haar boedel ‘de Fabricq van Lettergieten onder de naam Gebroeders Ploos van Amstel, de negotie in wijnen en het huis ‘De Lettergieterij’’. De lettergieterij wordt door broer Adrianus afgestaan aan Jacob evenals het huis aan de Keizersgracht. Jacob is enigszins overbedeeld en moet daarom nog geld lenen om zijn te grote aandeel in de erfenis van zijn moeder terug te betalen aan zijn broer Cornelis. Een jaar later trouwt Jacob op 42-jarige leeftijd met de inmiddels 46-jarige kunstenares Sara Troost dochter van Cornelis Troost

De lettergieterij Gebrs. Ploos van Amstel zal in 1784 kort na het overlijden van Jacob door zijn vrouw Sara Troost verkocht worden. Uiteindelijk komt zij in handen van de Haarlemse lettergieterij- en drukkersbedrijf Joh. Enschedé & Zn., met wie de gebroeders al eerder samen zakendeden bij het opkopen van lettergieterijen.

Uit: Een Tempel voor Hugo de Groot, Uitgever Florivallis te Amersfoort

 

 

Lettergieterij

Gebroeders Ploos van Amstel